De rechtbank Rotterdam heeft op 23 juli 2025 uitspraak gedaan in een civiele zaak tussen eiser en gedaagde over de schending van een zorgplicht met betrekking tot het indienen van bezwaar tegen vermogensrendementsheffing voor de jaren 2019 en 2020.
Eerder was vastgesteld dat gedaagde verplicht was bezwaar in te dienen of dit met eiser te bespreken, wat zij niet heeft gedaan. Gedaagde stelde dat eiser eigen schuld had omdat hij geen navraag zou hebben gedaan over de bezwaarschriften, maar kon dit niet overtuigend bewijzen. Getuigenverklaringen toonden aan dat eiser wel degelijk regelmatig informeerde naar de stand van zaken.
De rechtbank verwierp het beroep op eigen schuld en oordeelde dat gedaagde aansprakelijk is voor de schade die eiser daardoor heeft geleden. De zaak wordt verwezen naar een schadestaatprocedure. Gedaagde is tevens veroordeeld in de proceskosten en wettelijke rente, en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.