ECLI:NL:RBROT:2025:8811
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing inzageverzoek in gezinsdossier op grond van artikel 15 AVG
Eiser verzocht op grond van artikel 15 van Pro de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) inzage in zijn persoonsgegevens die zijn verwerkt in een gezinsdossier bij Veilig Thuis. Het dagelijks bestuur van de Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid beperkte dit inzagerecht met verwijzing naar artikel 15, vierde lid AVG, artikel 23 AVG Pro en artikel 41 UAVG Pro, mede vanwege de bescherming van de belangen van derden en medewerkers.
Na bezwaar en herziening bleef het bestuur bij deze beperking, met nadere motivering dat het inzagerecht niet kan worden verleend zonder de privacy van andere betrokkenen te schenden, omdat gezinsdossiers persoonsgegevens van meerdere personen bevatten die nauw verweven zijn. Eiser wilde ook namen van medewerkers en volledige inzage, maar dit werd geweigerd.
De rechtbank erkent dat fouten in de verwerking hebben geleid tot wantrouwen van eiser, maar oordeelt dat het bestuur terecht het inzagerecht heeft beperkt. De belangen van de hulpvrager en medewerkers wegen zwaarder dan het belang van eiser op inzage. Ook is het onmogelijk om gedeeltelijke inzage te geven zonder privacy van anderen te schenden.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat eiser geen verdere inzage krijgt in zijn persoonsgegevens of de namen van betrokken medewerkers. Het griffierecht wordt niet teruggegeven. De uitspraak is gedaan door rechter M. Zoethout op 15 juli 2025.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het inzagerecht blijft beperkt.