De arbeidsovereenkomst van de senior havenmeester bij een kleine organisatie met vijf werknemers wordt ontbonden wegens een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsrelatie. De problemen zijn ontstaan door het gedrag en de houding van de werknemer, wat leidde tot een slechte werksfeer en onherstelbare schade in de samenwerking met collega’s.
De werknemer was sinds december 2019 in dienst en meldde zich in juni 2024 ziek. Pogingen tot mediation tussen werknemer en werkgever mislukten. Diverse functioneringsverslagen en verklaringen van collega’s onderbouwen het verstoorde klimaat, met voorbeelden van ongepast gedrag en conflicten.
De kantonrechter oordeelt dat herplaatsing binnen de kleine organisatie niet mogelijk is en dat het opzegverbod niet van toepassing is omdat de ontbinding niet verband houdt met ziekte. De arbeidsovereenkomst eindigt per 1 augustus 2025. De werknemer krijgt een transitievergoeding toegekend, maar geen billijke vergoeding omdat er geen ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever is vastgesteld. Een vordering tot betaling van pensioenschade wordt afgewezen. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten.