De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming west verzocht op grond van artikel 1:262b BW om vervangende toestemming te verlenen voor een gezinsopname van drie minderjarige kinderen samen met hun vader bij GGZ Drenthe in Beilen. De moeder gaf geen toestemming voor deelname van alle drie de kinderen aan de gezinsopname, waardoor een geschil ontstond.
Tijdens de zitting was de vader aanwezig, maar de moeder verscheen niet, ondanks correcte oproeping. De kinderrechter voerde een gesprek met de oudste minderjarige en concludeerde dat het geschil de uitvoering van de ondertoezichtstelling betreft. De gezinsopname is noodzakelijk om een compleet beeld te krijgen van het perspectief van de kinderen, gezien de complexe gezinssituatie en de noodzaak tot zorgvuldig onderzoek.
De kinderrechter oordeelde dat het in het belang van de minderjarigen is dat zij gezamenlijk deelnemen aan de gezinsopname, ook met betrokkenheid van de vriendin van de oudste minderjarige indien nodig. De kinderrechter wees het verzoek van de gecertificeerde instelling toe en verving daarmee de toestemming van de moeder. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.