Partijen waren gehuwd en samen eigenaar van een woning in Barendrecht. Na echtscheiding en verzoening woonden zij weer samen, maar de relatie eindigde in 2022. De woning werd op 30 december 2024 aan de vrouw overgedragen op basis van een verstekvonnis.
De man verzet zich tegen het verstekvonnis en eist een nieuwe taxatie en medewerking van de vrouw om de woning te verkopen als hij niet kan worden uitgekocht. De rechtbank wijst dit af omdat de man het bestaande taxatierapport niet inhoudelijk heeft betwist en geen contra-expertise heeft overgelegd.
Daarnaast vordert de vrouw dat de man de helft van de eigenaarslasten betaalt die zij sinds 2017 heeft gedragen. De man betwist niet dat de vrouw deze lasten heeft betaald, maar voert een afspraak aan uit de echtscheidingsprocedure die volgens de rechtbank niet geldt voor de lange periode tot overdracht.
De rechtbank oordeelt dat partijen samen eigenaar waren en de lasten daarom gelijkelijk moeten worden gedragen. De man wordt veroordeeld tot betaling van € 50.197,- plus rente. De vrouw moet de kosten van de betekening van de verzetdagvaarding betalen, en verder dragen partijen hun eigen proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.