Deze bestuursrechtelijke uitspraak betreft het beroep van eiser tegen de sluiting van zijn woning door de burgemeester van Alblasserdam op grond van artikel 13b van de Opiumwet vanwege een aangetroffen hennepkwekerij.
De politie trof op 16 februari 2024 in de woning een professionele hennepkwekerij aan met honderden moederplanten en stekken, inclusief bijbehorende apparatuur en illegale stroomaftapping. De burgemeester sloot de woning voor drie maanden en handhaafde dit besluit na bezwaar. Eiser voerde aan dat de vondst niet ernstig genoeg was voor sluiting en dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn persoonlijke omstandigheden.
De rechtbank oordeelt dat de burgemeester binnen zijn beoordelingsruimte is gebleven en dat de omvang en professionaliteit van de kwekerij, gecombineerd met een MMA-melding, een ernstige overtreding vormen die sluiting rechtvaardigt. De belangenafweging acht de rechtbank zorgvuldig en niet onevenredig, mede gelet op het belang van openbare orde en veiligheid.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, de sluiting blijft in stand en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter J.J.R. Lautenbach op 13 juni 2025.