Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2025:4440

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
27 februari 2025
Publicatiedatum
10 april 2025
Zaaknummer
FT RK 25/20
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 lid 1 Verordening (EU) 2015/848FaillissementswetBesluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toelating tot wettelijke schuldsaneringsregeling met vaststelling ingangsdatum

Mevrouw is toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) wegens problematische schulden en te goeder trouw zijn bij het ontstaan van de schulden. De rechtbank heeft het verzoek behandeld op 19 februari 2025 waarbij ook de beschermingsbewindvoerder en haar collega aanwezig waren.

De rechtbank beoordeelde dat mevrouw voldoet aan de voorwaarden voor toelating tot de WSNP, waaronder de verplichtingen zoals informatieverstrekking, inspanningsverplichting en het voorkomen van nieuwe schulden. Zij is zich bewust van de noodzaak om fulltime te werken en van het toezicht door bewindvoerder en rechter-commissaris.

De rechtbank stelt vast dat de ingangsdatum van de WSNP op 27 februari 2025 wordt vastgesteld, en dat er geen aanleiding is voor een eerdere ingangsdatum omdat niet is aangetoond dat aan de vereiste verplichtingen van het voorafgaande schuldhulpverleningstraject is voldaan. Het traject duurt in principe 18 maanden met mogelijkheid tot verlenging.

De rechtbank benoemt mr. M.C. Franken tot rechter-commissaris en draagt bewindvoerder B. van Huessen op de post te beheren. De bewindvoerder mag een voorschot op vergoeding nemen indien de boedel toereikend is. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen.

Uitkomst: Verzoek tot toelating tot WSNP toegewezen met ingangsdatum 27 februari 2025, geen eerdere ingangsdatum vastgesteld.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie
insolventienummer: [nummer]
vonnis van:
27 februari 2025
op het verzoek van:
[verzoekster]
wonende op een (bij de rechtbank bekend) geheim adres.
Waar deze zaak over gaat
Mevrouw [verzoekster] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor haar schulden te komen heeft mevrouw [verzoekster] een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Dit verzoek wordt toegewezen. De rechtbank ziet geen aanleiding om een eerdere ingangsdatum te bepalen.
De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist.

1.De procedure

1.1.
Mevrouw [verzoekster] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de WSNP.
1.2.
Het verzoek is behandeld op de zitting van 19 februari 2025. Op de zitting zijn verschenen:
- mevrouw [verzoekster] ,
- de heer [persoon A] , de man van mevrouw [verzoekster] ,
- mevrouw D. Roodsat, beschermingsbewindvoerder,
- mevrouw [persoon B] , de collega van de beschermingsbewindvoerder.

2.De beoordeling van het verzoek

De toelating

2.1.
Mevrouw [verzoekster] kan worden toegelaten tot de WSNP als zij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en zij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat mevrouw [verzoekster] aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen.
2.2.
Mevrouw [verzoekster] voldoet aan alle eisen en wordt toegelaten tot de WSNP.
De verplichtingen
2.3.
De verplichtingen waaraan mevrouw [verzoekster] tijdens de WSNP moet voldoen zijn: de informatieverplichting, de inspanningsverplichting, de verplichting geen nieuwe schulden te laten ontstaan, de verplichting om schuldeisers niet te benadelen en de afdrachtverplichting. Mevrouw [verzoekster] is zich ervan bewust dat zij gedurende de WSNP zich maximaal moet inspannen om fulltime (36 uur per week) te werken en dat haar huidige baan waar zij 24 uur per week werkt, niet voldoende is. Ook is zij zich ervan bewust dat er een bewindvoerder zal worden benoemd die zal controleren of zij zich aan de verplichtingen houdt. Naast de bewindvoerder zal er ook een rechter-commissaris worden benoemd. De taak van de rechter-commissaris is om toezicht te houden op de bewindvoerder.
2.4.
Als mevrouw [verzoekster] zich tijdens het WSNP-traject houdt aan alle verplichtingen die de WSNP met zich brengt, eindigt het traject met de zogenoemde “schone lei”. Dit betekent dat schuldeisers hun vorderingen ten aanzien waarvan de WSNP werkt niet meer op mevrouw [verzoekster] kunnen verhalen.
2.5.
Tijdens het traject geldt in beginsel een postblokkade. Dat betekent dat in die periode alle post naar de bewindvoerder gaat. De bewindvoerder stuurt de post na controle door aan mevrouw [verzoekster] .
De bevoegdheid
2.6.
De rechtbank is, gelet op het bepaalde in artikel 3 lid 1 Verordening Pro (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, bevoegd deze insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen nu het centrum van voornaamste belangen van mevrouw [verzoekster] in Nederland ligt.
De ingangsdatum
2.7.
Het WSNP-traject duurt in principe 18 maanden. De Faillissementswet bepaalt dat de termijn van de WSNP in beginsel ingaat op de dag van dit vonnis, tenzij er aanleiding is de termijn eerder te laten ingaan.
2.8.
Een eerdere ingangsdatum kan worden bepaald als vanaf die eerdere datum de verplichtingen die volgen uit het voorafgaande schuldhulpverleningstraject zijn nagekomen. Als uitgangspunt geldt daarbij dat de schuldenaar tijdens het minnelijke voortraject maximaal, op basis van de normen die gelden voor berekening van het vrij te laten bedrag (het vtlb), moet aflossen op zijn schulden en dat hij zich moet inspannen om zoveel mogelijk baten voor de schuldeisers te verwerven. Het vtlb wordt berekend met de vtlb-calculator die via het internet beschikbaar is. Om voor een eerdere ingangsdatum in aanmerking te komen, moet dus maandelijks sprake zijn van aflossingen die tenminste gelijk zijn aan het genoemde verschil tussen de netto inkomsten en het vtlb. Daarnaast moet er bij arbeidsgeschiktheid fulltime gewerkt worden of moet er aantoonbaar worden gesolliciteerd naar een fulltime baan.
2.1
De rechtbank stelt vast dat mevrouw [verzoekster] niet heeft verzocht om een eerdere ingangsdatum, terwijl ook overigens op basis van de ingediende stukken en dat wat op de zitting is besproken niet kan worden vastgesteld dat aan de vereiste verplichtingen is voldaan.
2.9.
De rechtbank komt dus tot de conclusie dat er geen eerdere ingangsdatum zal worden bepaald.

3.De beslissing

De rechtbank:
- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:
[verzoekster]
wonende op een (bij de rechtbank bekend) geheim adres.
- benoemt tot rechter-commissaris mr. M.C. Franken
en tot bewindvoerder en tot bewindvoerder B. van Huessen,
gevestigd te Postbus 136,
2990 AC Barendrecht;
- stelt de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling vast op 27 februari 2025 en de einddatum op 27 augustus 2026;
- draagt de bewindvoerder op de post van mevrouw [verzoekster] in te zien;
- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Deze vergoeding is gelijk aan 1
/19e deel van de overeenkomstig artikel 2 van Pro dat Besluit te berekenen vergoeding. Dit kan alleen:
- zolang de schuldsaneringsregeling loopt en,
- voor zover de boedel toereikend is.
Dit is de beslissing van mr. M.C. Franken, rechter, in samenwerking met mr. C. Hulsegge, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 februari 2025. [1]
De griffier is buiten staat dit vonnis te ondertekenen.