Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden met aftrek van voorarrest, alsmede oplegging van een vrijheidsbeperkende maatregel ex artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr), met daarin een contactverbod ten aanzien van [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 1988 te [geboorteland 2] , en de dadelijke uitvoerbaarheid van deze maatregel;
- primair oplegging van de maatregel terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege (ongemaximeerd), subsidiair oplegging van de maatregel terbeschikkingstelling met voorwaarden, de dadelijke uitvoerbaarheid daarvan en oplegging van de gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel ex artikel 38z Sr.
4.Waardering van het bewijs
caissièrein voornoemde supermarkt) te dwingen tot
5.Strafbaarheid feit
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering maatregel
8.Vordering benadeelde partij / schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
ter beschikking wordt gesteld;
van overheidswege wordt verpleegd;
€ 2.500,- (zegge: vijfentwintighonderd euro), bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 25 maart 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van [slachtoffer] te betalen
€ 2.500,- (zegge: vijfentwintighonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 maart 2024 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van
€ 2.500,- (zegge: vijfentwintighonderd euro)niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
35 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.