ECLI:NL:RBROT:2025:2962
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen voorbereidingsbeslissing CBR inzake doorverwijzing naar oogarts
Eiseres diende een gezondheidsverklaring in bij het CBR voor verlenging van haar rijbewijs. Het CBR vroeg nadere medische informatie en verwees haar door naar een oogarts. Eiseres maakte bezwaar tegen deze doorverwijzing, maar het CBR verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat het een voorbereidingsbeslissing betreft waartegen geen bezwaar mogelijk is.
De rechtbank bevestigt dat de brief van het CBR een voorbereidingsbeslissing is in de zin van artikel 6:3 Awb Pro. Eiseres stelt dat zij rechtstreeks in haar belang wordt geraakt vanwege de extra kosten en de onevenredige gevolgen, maar de rechtbank oordeelt dat dit onvoldoende is om het bezwaar ontvankelijk te verklaren. De rechtmatigheid van de doorverwijzing kan worden aangevochten bij het definitieve besluit over de rijgeschiktheid.
Daarnaast is een besluit van het CBR over de (on)geschiktverklaring en de bezwaarprocedure daartegen niet aan de orde in deze procedure. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het bestreden besluit blijft in stand en eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de niet-ontvankelijkverklaring van haar bezwaar is ongegrond verklaard.