ECLI:NL:RBROT:2025:2732
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens voldoende afloscapaciteit en geen problematische schuldenlast
De heer verzoeker heeft op 4 oktober 2024 een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Tijdens de zitting van 3 februari 2025 zijn verzoeker en zijn beschermingsbewindvoerder gehoord. Verzoeker heeft een inkomen uit arbeid variërend tussen € 2.400 en € 2.600 per vier weken. Zijn afloscapaciteit is gestegen van circa € 400 naar ruim € 700 per maand na het vervallen van zijn alimentatieverplichting.
De beschermingsbewindvoerder heeft verklaard dat een schuld aan het LBIO van bijna € 14.000 volledig is voldaan door beslaglegging, terwijl de schuld aan de belastingdienst is toegenomen tot circa € 10.000. Het spaarsaldo bedraagt ongeveer € 500.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 288 lid 1 sub a Faillissementswet Pro het verzoek alleen kan worden toegewezen indien aannemelijk is dat schuldenaar niet kan voortgaan met betalen. Gezien de afloscapaciteit en de schuldenlast kan verzoeker zijn schulden binnen vijftien maanden volledig voldoen. Er is geen sprake van een problematische schuldsituatie of uitzichtloze situatie. Daarom wordt het verzoek afgewezen.
De rechtbank merkt op dat deze beslissing niet uitsluit dat andere feiten of omstandigheden tot afwijzing kunnen leiden. De uitspraak is gedaan op 19 februari 2025 door rechter M. Aukema.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens voldoende afloscapaciteit en geen problematische schuldenlast.