De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming West verzocht op 18 december 2024 om verlenging van de ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen, geboren in 2015 en 2021, tot 14 oktober 2025. De moeder en (stief)vader, belast met het ouderlijk gezag, wonen met de kinderen samen. De verzoeken werden mondeling behandeld op 10 januari 2025, waarbij de ouders niet verschenen maar correct waren opgeroepen.
De kinderrechter constateerde dat ondanks eerdere vooruitgang er opnieuw ernstige zorgen zijn ontstaan, met name door een incident van huiselijk geweld waarbij de kinderen getuige waren. Daarnaast is er sprake van schoolverzuim van de oudste minderjarige, wat leidde tot betrokkenheid van de leerplichtambtenaar. De ouders tonen inzet en medewerking, maar slagen er niet in de problematiek duurzaam te doorbreken.
De kinderrechter oordeelde dat de wettelijke vereisten voor verlenging van de ondertoezichtstelling zijn vervuld. De complexe gezinssituatie, het risico op escalatie door persoonlijke problematiek van de ouders en het belang van stabiliteit en voortzetting van hulpverlening rechtvaardigen de verlenging. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de ouders kunnen binnen drie maanden hoger beroep instellen.