ECLI:NL:RBROT:2025:1589
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek wegens te late indiening na zitting
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. Dieleman-Goossens, rechter in een bestuursrechtelijke zaak bij de rechtbank Rotterdam. Het verzoek betrof gedragingen van de rechter tijdens een zitting op 16 januari 2025.
De wrakingskamer beoordeelde of het verzoek tijdig was ingediend, zoals vereist volgens artikel 8:16 lid 1 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Omdat verzoeker aanwezig was op de zitting en werd bijgestaan door een gemachtigde, was het moment waarop de feiten en omstandigheden bekend werden voor verzoeker duidelijk.
Het wrakingsverzoek, ingediend op 23 januari 2025, kwam een week na de zitting en werd daarom als te laat beschouwd. De vaste jurisprudentie vereist dat een wrakingsverzoek onmiddellijk na het bekend worden van de feiten wordt ingediend, met slechts een korte beraadtermijn toegestaan.
De rechtbank verklaarde het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk en wees het verzoek af. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening na zitting.