Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.[gedaagde 1],
2.
[gedaagde 2],
1.De kern van de zaak
2.De procedure
- de conclusie van antwoord van 16 oktober 2024 zonder producties;
- de brief van de rechtbank van 30 oktober 2024 waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling was bepaald;
3.De feiten
12 augustus 2013. Door die akte is hij in de rechten getreden van de erfgenamen van [naam 1], onder meer betreffende een geldlening van € 120.000,- in hoofdsom die op 1 februari 2004 is verstrekt aan [gedaagde 1] en zijn twee medevennoten van de vennootschap onder firma [bedrijf 2]
€ 351.689,69 aan hoofdsom en rente. Bij gebreke van betaling heeft [eiser] op 21 maart 2024 executoriaal beslag gelegd op de aandelen van [gedaagde 1] in [bedrijf 1]
Dit beslag trof geen doel.
4.Het geschil
5.De beoordeling
6.De beslissing
24 december 2025.