In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Rotterdam op 12 december 2025 uitspraak gedaan in een loonvordering van eiseres tegen Aedificomm B.V. Eiseres, vertegenwoordigd door mr. J.C. Debije, vorderde betaling van achterstallig salaris, wettelijke verhoging, reiskostenvergoeding en buitengerechtelijke kosten. Aedificomm had uitstel gekregen voor een reactie op de dagvaarding, maar heeft daarna niet meer gereageerd. De kantonrechter heeft vastgesteld dat de feiten in de dagvaarding vaststaan, omdat Aedificomm deze niet heeft betwist. De vorderingen van eiseres zijn toegewezen, waaronder € 1.173,66 netto aan achterstallig salaris over de periode oktober 2023 tot en met januari 2025 en € 4.918,02 bruto aan onbetaald gebleven salaris over februari en maart 2025. Daarnaast is Aedificomm veroordeeld tot betaling van een wettelijke verhoging van € 7.441,41, reiskostenvergoeding van € 5.038,80 en buitengerechtelijke kosten van € 1.162,47. De proceskosten zijn begroot op € 1.558,04, die ook door Aedificomm moeten worden betaald. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat eiseres het vonnis direct kan uitvoeren, ook als Aedificomm in hoger beroep gaat.