Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van het onder 1 impliciet primair ten laste gelegde (poging tot doodslag);
- bewezenverklaring van het onder 1 impliciet subsidiair ten laste gelegde (poging tot zware mishandeling) en het onder 2 ten laste gelegde;
- toepassing van het jeugdstrafrecht ex artikel 77c van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr);
- met opdracht aan de jeugdreclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;
- oplegging van de maatregel ex artikel 38v Sr, inhoudende een contact- en locatieverbod, waarbij de vervangende hechtenis per overtreding van dat verbod op 2 weken wordt bepaald, met een maximum van 6 maanden;
4.Waardering van het bewijs
of omstreeks12 januari 2024 te Rotterdam,
een ofmeerdere malen
(een metalen gesp van
)een riem
in/tegen het gezicht, althanstegen het hoofd
(met zijn vuist
)in
/tegenhet gezicht
, althans tegen het hoofdheeft geslagen, en
/of
op/tegen het hoofd heeft geschopt,
of omstreeks10 januari 2024 te Rotterdam,
[slachtoffer 2]een kopstoot te geven.
5.Strafbaarheid feiten
impliciet subsidiair)
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Bijlagen
10.Beslissing
werkstrafvoor de duur van
40 (veertig) uren;
32 (tweeëndertig) urente verrichten werkstraf resteren;
jeugddetentievoor de duur van
60 (zestig) dagen;
1 (één) jaar;
- de veroordeelde zal medewerking verlenen aan jeugdreclasseringstoezicht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen en het zich melden bij de jeugdreclassering zo vaak en zolang als de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht;