De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond heeft verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen. De ondertoezichtstelling was reeds verlengd tot 22 februari 2026 en de machtiging tot uithuisplaatsing tot 1 januari 2026. Het resterende verzoek betrof de periode van 1 januari 2026 tot 22 februari 2026.
Tijdens de zitting op 16 december 2025 heeft de GI aangegeven het resterende deel van het verzoek tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing niet te handhaven. Hierdoor kon dit deel niet meer inhoudelijk worden onderzocht. De moeder en pleegouders gaven aan positief te zijn over het traject en de terugplaatsing van de kinderen bij de moeder, die per 19 december 2025 zal plaatsvinden.
De kinderrechter overwoog dat het terugplaatsingstraject zorgvuldig was voorbereid en dat de ondertoezichtstelling blijft voortduren. De pleegouders en pleegzorg blijven betrokken voor ondersteuning. Gezien de intrekking van het resterende verzoek door de GI, wees de kinderrechter dit deel af. Tegen deze beschikking is hoger beroep mogelijk binnen drie maanden na uitspraak.