Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.De procedure
- de dagvaarding van 28 augustus 2025, met producties 1 tot en met 10,
- de conclusie van antwoord tevens eis in reconventie, met producties 1 tot en met 9,
- de aanvullende producties 11 tot en met 32 van De Veiligheidsgroup,
- de spreekaantekeningen van mr. Boeters,
- de brief van mr. Boeters van 24 oktober 2025,
- de brief van mr. Bohr van 24 oktober 2025.
2.De feiten
- Een lokaal werkend technisch fundament voor de digitale leeromgeving van/voor studenten (Moodle);
- Een lokaal werkende organisatie specifieke digitale leeromgeving van/voor studenten (Moodle applicatie);
- Een lokaal werkend technisch fundament voor de publieke website van/voor studenten van De Veiligheidsschool;
- Een lokaal werkende organisatie specifieke publieke website van/voor studenten van De Veiligheidsschool;
- Accountgegevens van een organisatorische Lastpass Account (met toegang tot alle gekoppelde wachtwoorden voor organisatiesystemen van De Veiligheidsgroup);
- Accountgegevens van alle organisatorische sociale media account van De Veiligheidsgroup en al haar (toekomstige) werkmaatschappijen;
- Accountgegevens van Apple om alle organisatorische Apple-producten functioneel en veilig te kunnen beheren (inclusief alle toegangsrechten op beheerdersniveau);
- Accountgegevens van Gitlab vanuit Craai B.V. (werkmaatschappij van De Veiligheidsgroup en alle toegangsrechten op beheerdersniveau);
- Een Dell Laptop + oplader (die formeel deels is bekostigd ten behoeve van digitale werkzaamheden van/voor De Veiligheidsgroup);
- Een digitale lijst met alle uitgegeven organisatiemiddelen zoals laptops en toebehoren (inclusief de schriftelijke administratie hiervan).
3.Het geschil
4.De beoordeling
uitkeer termijn is vanaf operationele start uiterlijk 36 maanden”. Commenencia heeft de inhoud van de afspraken bevestigd door te laten weten dat hij het door de Raad van Toezicht in orde zou laten maken. Hoewel de gemaakte afspraken niet in een schriftelijke overeenkomst zijn vastgelegd, zijn zij, anders dan [eiser] kennelijk dacht, rechtsgeldig. Zij moeten worden aangemerkt als een overeenkomst van opdracht als bedoeld in artikel 7:400 lid 1 BW. Voor zover De Veiligheidsgroup zou hebben bedoeld dat enige overeenkomst slechts onder de voorwaarde van instemming van de Raad van Toezicht is aangegaan, welke instemming niet is gegeven, verwerpt de voorzieningenrechter dat standpunt. Niet gesteld is dat Commenencia als bestuurder niet bevoegd was om zelfstandig deze overeenkomst aan te gaan.
project membersdat [naam 2] dezelfde rechten (als
owner) heeft als [eiser]. Daaruit begrijpt de voorzieningenrechter dat ook [naam 2] toegang heeft tot de code van de online leeromgeving en dat De Veiligheidsgroup zich tot [naam 2] kan wenden om de technische fundamenten van de digitale leeromgeving in handen te krijgen. Dit ligt anders ten aanzien van de website. [eiser] weerspreekt niet dat alleen hij daarover beschikt. Hij wil deze echter niet aan De Veiligheidsgroup overdragen zolang hij daarvoor niet betaald krijgt.