Verzoekers hebben een verzoek ingediend op grond van artikel 287b Faillissementswet om een voorlopige voorziening te treffen die verweerster verbiedt het vonnis tot ontruiming van hun woonruimte uit te voeren. De rechtbank stelt vast dat er sprake is van een bedreigende situatie vanwege de aangekondigde ontruiming.
Verzoekers ontvangen gezamenlijk circa € 4.000 per maand aan inkomsten, voldoende om de huur van € 654,06 te voldoen. Verzoeker staat onder beschermingsbewind en de lopende huur is recent voldaan. Verweerster betwist de stabiliteit van het inkomen en wijst op een aanzienlijke huurachterstand van circa € 12.000.
De rechtbank weegt het belang van verzoekers om in de woning te blijven en schuldhulpverlening te doorlopen zwaarder dan het belang van verweerster bij uitvoering van het vonnis. Gezien het nog niet kunnen aantonen van een bestendig inkomen wordt het moratorium toegewezen voor drie maanden in plaats van zes. Tevens verklaart de rechtbank verzoekers niet-ontvankelijk in het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 284, tweede lid, Fw.