Uitspraak
[verdachte]
1.Tenlastelegging
- bij de haren vast te pakken en/of aan haar haren haar woning in te trekken, en/of
- bij haar lichaam beet te pakken en/of (vervolgens) op de bank te gooien en/of (vervolgens) naar beneden te drukken, en/of
- met een wasrek en/of een (gevulde) koffer en/of een stoel en/of met vuisten tegen het hoofd en/of het lichaam te slaan, en/of
- tegen het hoofd, althans het lichaam te schoppen;
- bij de haren vast heeft gepakt en/of aan haar haren haar woning in heeft getrokken, en/of
- bij haar lichaam beet heeft gepakt en/of (vervolgens) op de bank heeft gegooid en/of (vervolgens) naar beneden heeft gedrukt, en/of
- met een wasrek en/of een (gevulde) koffer en/of een stoel en/of met vuisten tegen het hoofd en/of het lichaam heeft geslagen, en/of
- tegen het hoofd, althans het lichaam heeft geschopt,
- bij de haren vast te pakken en/of aan haar haren haar woning in te trekken, en/of
- bij haar lichaam beet te pakken en/of (vervolgens) op de bank te gooien en/of (vervolgens) naar beneden te drukken, en/of
- met een wasrek en/of een (gevulde) koffer en/of een stoel en/of met vuisten tegen het hoofd en/of het lichaam te slaan, en/of
- tegen het hoofd, althans het lichaam te schoppen,
2.Bewijs
- met een wasrek en een stoel tegen het lichaam te slaan, en
- tegen het lichaam te schoppen,
3.Kwalificatie en strafbaarheid
4.Straffen
5.In beslag genomen voorwerp
6.Vordering van de benadeelde partij
7.Wettelijke voorschriften
8.Beslissingen
gevangenisstraf van 21 (eenentwintig) dagen;
10 (tien) dagen van deze gevangenisstrafniet ten uitvoer zullen worden gelegd, tenzij de rechter later anders beslist;
2 (twee) jaar, waarbij tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke gedeelte van de straf kan worden beslist als de verdachte de onderstaande voorwaarde niet naleeft;
taakstraf van 60 (zestig) uur, waarbij de reclassering bepaalt uit welke werkzaamheden deze taakstraf zal bestaan;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
30 (dertig) dagen;
€ 500,- (vijfhonderd euro), als vergoeding van immateriële schade, en de wettelijke rente hierover vanaf 10 juni 2025 tot de dag van volledige betaling
de maatregel tot schadevergoedingop, wat inhoudt dat de verdachte de verplichting heeft om ten behoeve van de benadeelde partij [slachtoffer] aan de staat
€ 500,- (vijfhonderd euro)te betalen, en de wettelijke rente vanaf 10 juni 2025 tot aan de dag van de gehele betaling. Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van maximaal
10 (tien) dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.