Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.[eiser 1],
[eiser 2],
1.[gedaagde 1] ,
[gedaagde 2],
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de spreekaantekeningen van gedaagden.
Rechtbank Rotterdam
In deze zaak vorderen eisers, buren van gedaagden, in kort geding een definitief herstel van gebreken aan de woning van gedaagden, die hinder en gevaar ondervinden van lekkage en een instabiel balkon. De rechtbank heeft op 19 december 2025 geoordeeld dat de vorderingen van eisers worden afgewezen. De voorzieningenrechter oordeelt dat niet aannemelijk is dat gedaagden verwijtbaar onrechtmatig hebben gehandeld, aangezien de gebreken al bestonden voordat beide partijen hun woningen kochten. Gedaagden hebben wel noodmaatregelen getroffen, waardoor de vorderingen op basis van risico-aansprakelijkheid niet toewijsbaar zijn. De eisers moeten de proceskosten van gedaagden betalen, omdat zij ongelijk krijgen in hun vorderingen. De uitspraak benadrukt dat in kort geding niet kan worden geoordeeld over de inhoud van de gebreken, maar enkel over de spoedeisendheid van de vorderingen.