Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 9 juli 2025, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlagen;
- de repliek.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
StartCare had een autoverzekering bij Univé en stopte met het betalen van premies vanaf 14 november 2024. Univé beëindigde de verzekering op 11 maart 2025 vanwege deze achterstand en vorderde betaling van de premie vanaf 14 november 2024 tot de beëindigingsdatum, plus incassokosten.
StartCare stelde dat zij vanaf 7 januari 2025 geen premie hoefde te betalen omdat de dekking was opgeschort. Univé erkende de opschorting van de dekking, maar stelde dat de premieverplichting bleef bestaan tot de daadwerkelijke beëindiging van de verzekering op 11 maart 2025. StartCare gaf geen reactie hierop, waardoor de kantonrechter dit standpunt aannam.
De kantonrechter oordeelde dat de premieverplichting doorliep tot de beëindiging van de verzekering en veroordeelde StartCare tot betaling van de premieachterstand van €1.169,34 plus €48,40 aan incassokosten. Daarnaast werden de proceskosten van €825,54 aan StartCare opgelegd. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: StartCare is veroordeeld tot betaling van de premieachterstand, incassokosten en proceskosten.