Op 25 november 2025 heeft de kinderrechter van de Rechtbank Rotterdam een beschikking gegeven over de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, hierna te noemen [voornaam minderjarige]. De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, die betrokken is bij de zorg voor [voornaam minderjarige]. De moeder van [voornaam minderjarige] verblijft momenteel in een penitentiaire inrichting en heeft het ouderlijk gezag over haar kind. De kinderrechter heeft eerder op 17 november 2025 een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing verleend, nadat er een ernstig incident had plaatsgevonden in het ziekenhuis waarbij de moeder [voornaam minderjarige] in levensgevaar heeft gebracht door haar los te koppelen van medische apparatuur. De kinderrechter heeft in deze beschikking de belangen van [voornaam minderjarige] vooropgesteld en geconcludeerd dat de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing noodzakelijk is voor de verzorging en opvoeding van het kind. De kinderrechter heeft de machtiging verlengd tot 21 januari 2026 en verklaard dat de beschikking uitvoerbaar bij voorraad is, wat betekent dat de beslissing direct geldt, ook als er hoger beroep wordt ingesteld. De kinderrechter heeft benadrukt dat het belangrijk is om te onderzoeken op welke manier contact tussen de moeder en [voornaam minderjarige] kan plaatsvinden, met inachtneming van de veiligheid van het kind.