In deze zaak heeft de Rechtbank Rotterdam op 12 december 2025 uitspraak gedaan in een verzoek tot toepassing van een schuldregeling door verzoekster, die te maken heeft met meerdere schuldeisers. Verzoekster, een 35-jarige vrouw, heeft op 21 augustus 2025 een verzoek ingediend om een schuldregeling aan te bieden aan haar schuldeisers, waaronder GGN Mastering Credit B.V. en Capabel Onderwijs Groep B.V. De aangeboden regeling houdt in dat er geen uitdeling zal plaatsvinden aan de schuldeisers, en verzoekster heeft verzocht om kwijtschelding van haar schulden. Vier van de vijf schuldeisers hebben ingestemd met de regeling, maar Capabel Onderwijs heeft geweigerd mee te werken, ondanks dat zij een aanzienlijk aandeel in de totale schuldenlast hebben.
De rechtbank heeft de situatie beoordeeld en vastgesteld dat de aangeboden regeling het uiterste is waartoe verzoekster in staat moet worden geacht, gezien haar huidige financiële situatie en het feit dat zij een Participatiewet-uitkering ontvangt. De rechtbank heeft ook opgemerkt dat er geen reëel perspectief is op afloscapaciteit binnen de wettelijke schuldsaneringsregeling, en dat de kosten van een dergelijke regeling waarschijnlijk ten laste van de Staat zouden komen.
Uiteindelijk heeft de rechtbank besloten om Capabel Onderwijs te bevelen in te stemmen met de schuldregeling, en hen te veroordelen in de kosten van de procedure, die op nihil zijn begroot. De rechtbank heeft ook bepaald dat dit vonnis in de plaats treedt van de vrijwillige instemming van de schuldeisers, en het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling is afgewezen. Dit vonnis is openbaar uitgesproken door mr. B.J. Tideman, rechter, en griffier S.R.L.T. Peek.