ECLI:NL:RBROT:2025:14688

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
28 november 2025
Publicatiedatum
15 december 2025
Zaaknummer
11707980 CV EXPL 25-12083
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling tot betaling achterstallige premie zorgverzekering met rente en proceskosten

VGZ Zorgverzekeraar N.V. vordert betaling van achterstallige premie van de zorgverzekeringsovereenkomst VGZbewuzt die de gedaagde is aangegaan. De gedaagde heeft een betalingsachterstand laten ontstaan, waarop VGZ een bedrag van €669,11 vordert, vermeerderd met wettelijke rente over €951,55 en proceskosten.

De rechtbank stelt vast dat de gedaagde onbetaalde bedragen heeft, maar de exacte datum van verzuim en betaling is onvoldoende duidelijk, waardoor toekenning van rente zoals gevorderd niet mogelijk is. Incassokosten worden afgewezen vanwege niet voldoen aan wettelijke eisen.

De rechtbank wijst €566,83 aan hoofdsom toe met wettelijke rente vanaf dagvaarding, en veroordeelt de gedaagde tot betaling van proceskosten van €823,64. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat onmiddellijke uitvoering mogelijk is ondanks eventuele hoger beroep.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €566,83 achterstallige premie met wettelijke rente en proceskosten van €823,64.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11707980 CV EXPL 25-12083
datum uitspraak: 28 november 2025
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
VGZ Zorgverzekeraar N.V.betreffende Bewuzt
,
vestigingsplaats: Arnhem,
eiseres,
gemachtigde: Inkassier Gerechtsdeurwaarders & Incasso,
tegen
[gedaagde],
woonplaats: Rotterdam,
gedaagde,
gemachtigde: mr. G. Grijs.
De partijen worden hierna ‘VGZ’ en ‘[gedaagde]’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 25 april 2025, met bijlagen;
  • het antwoord;
  • de repliek, met bijlagen;
  • de dupliek.

2.De beoordeling

Waar gaat de zaak over?
2.1.
VGZ verricht de uitvoering van de digitale zorgverzekering VGZbewuzt. [gedaagde] is zorgverzekeringsovereenkomst aangegaan voor VGZbewuzt. Daarvoor moet hij verzekeringspremie betalen en ook kunnen wettelijke bijdragen, eigen risicokosten en andere kosten bij hem in rekening worden gebracht. Volgens VGZ heeft [gedaagde] een betalingsachterstand laten ontstaan. VGZ eist - na eisvermindering - [gedaagde] te veroordelen tot betaling van € 669,11, met de wettelijke rente over € 951,55 vanaf de dagvaarding, en de proceskosten. [gedaagde] is het hiermee niet eens. De eis wordt voor een deel toegewezen. Hierna wordt uitgelegd waarom.
Hoofdsom van € 566,83, rente en incassokosten
2.2.
Niet is in geschil dat [gedaagde] bedragen onbetaald heeft gelaten. Volgens VGZ staat er op dit moment nog € 669,11 open. Uit de berekening hiervan wordt opgemaakt dat
daarin € 62,28 aan rente en € 40,- aan buitengerechtelijke incassokosten zitten. Of de rente klopt kan echter niet worden uitgerekend, omdat, mede gelet op het verweer op dit punt, niet vast staat wanneer het verzuim is ingetreden bij de verschillende niet betaalde bedragen en wanneer welk deel daarvan is voldaan. Daarom wordt de rente niet toegewezen zoals gevorderd. De incassokosten worden afgewezen, omdat de brief die als onderbouwing daarvan is overgelegd niet voldoet aan de daaraan gestelede eisen. Dit leidt tot de conclusie dat € 566,83 aan hoofdsom wordt toegewezen, met de wettelijke rente als hierna vermeld.
Proceskosten
2.3.
De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde], omdat hij voor het grootste deel ongelijk krijgt. De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan VGZ moet betalen op
€ 146,14 aan dagvaardingskosten, € 340,- aan griffierecht, € 270,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 135,-) en € 67,50 aan nakosten. Dat is in totaal € 823,64. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
Uitvoerbaar bij voorraad
2.4.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat VGZ dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt. Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan VGZ te betalen € 566,83 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf de dag van dagvaarding tot de dag dat volledig is betaald;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van VGZ, die worden begroot op € 823,64;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. V.F. Milders en in het openbaar uitgesproken.
465