De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige geboren in 2010. De kinderrechter heeft op 28 oktober 2025 de zitting met gesloten deuren gehouden, waarbij de ouders en oma niet aanwezig waren, maar wel correct waren opgeroepen.
De feiten tonen dat de moeder het ouderlijk gezag heeft en de minderjarige woont met de ouders bij de oma vaderszijde. Eerder was de ondertoezichtstelling verlengd tot 9 november 2025. De GI verzoekt nu verlenging voor een jaar, met directe uitvoerbaarheid. De GI licht toe dat er weinig contact is met het gezin, onduidelijkheid bestaat over de woonsituatie van de moeder, en dat hulpverlening zoals SPAM en psychologische ondersteuning nog moet starten. De vader toont motivatie om clean te worden, maar de status van behandeling is onbekend.
De kinderrechter oordeelt dat de ontwikkeling van de minderjarige ernstig bedreigd blijft en dat er onvoldoende vooruitgang is geboekt. Er is onvoldoende zicht op de thuissituatie en hulpverlening heeft nog geen duurzame verbetering gebracht. De betrokkenheid van een jeugdbeschermer blijft noodzakelijk om zicht te houden en passende hulpverlening te waarborgen. De ondertoezichtstelling wordt daarom verlengd tot 9 november 2026 en de beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Tegen deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag binnen drie maanden, met verplichte advocaat.