De Stichting Woonstad Rotterdam heeft een kort geding aangespannen tegen gedaagden die niet zijn verschenen bij de mondelinge behandeling. De voorzieningenrechter verleent verstek tegen gedaagden en wijst de vordering tot ontruiming van de woning toe. De ontruimingstermijn is vastgesteld op acht dagen na betekening van het vonnis.
Eiseres heeft onweersproken gesteld dat in de woning een drugslab heeft gezeten en wil voorkomen dat de woning opnieuw voor dergelijke doeleinden wordt gebruikt. Daarom is ook een verbod opgelegd aan gedaagden om na vertrek uit de woning daarin terug te keren of zonder huurovereenkomst een andere door eiseres beheerde woning in dezelfde wijk te betrekken.
De dwangsom voor overtreding van het terugkeerverbod is gemaximeerd op € 10.000 per persoon. Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.