ECLI:NL:RBROT:2025:13794
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening moratorium en niet-ontvankelijkheid schuldsaneringsverzoek
Verzoeker heeft bij de rechtbank Rotterdam een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening op grond van artikel 287b Faillissementswet, gericht op het moratorium ter voorkoming van ontruiming van zijn woonruimte. De rechtbank heeft vastgesteld dat sprake is van een bedreigende situatie vanwege een vonnis tot ontruiming en een exploot waarin de ontruiming is aangekondigd.
Tijdens de zitting was verzoeker zonder bericht van verhindering afwezig en heeft geen contact meer gezocht met schuldhulpverlening of het wijkteam. Hoewel de huur voor oktober 2025 is voldaan door een fonds, acht de rechtbank onvoldoende aannemelijk dat verzoeker de lopende termijnen kan en zal voldoen. De belangenafweging tussen verzoeker en verweerders leidt tot het oordeel dat het belang van verweerders zwaarder weegt.
Daarom wijst de rechtbank het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens verklaart de rechtbank verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 284, tweede lid, Faillissementswet, met de mogelijkheid voor verzoeker om een nieuw verzoek in te dienen zodra het minnelijk traject is afgerond.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling.