Op 5 november 2025 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak waarin de heer [verzoeker] verzocht om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp). De heer [verzoeker] bevond zich in een problematische schuldensituatie en had geen afloscapaciteit, waardoor hij direct een Wsnp-verzoek indiende zonder een buitengerechtelijke schuldregeling te proberen. De rechtbank heeft de ontvankelijkheid van het verzoek beoordeeld en vastgesteld dat de heer [verzoeker] in deze specifieke situatie ontvankelijk was, ondanks dat hij CJIB-boetes had die niet te goeder trouw waren ontstaan. De rechtbank heeft besloten om de heer [verzoeker] toch toe te laten tot de Wsnp, gebruikmakend van de hardheidsclausule, omdat hij zijn omstandigheden onder controle had gekregen en er vertrouwen was dat hij aan de verplichtingen van de Wsnp zou voldoen. De rechtbank heeft de looptijd van de Wsnp-regeling vastgesteld op 18 maanden, ingaande op de datum van het vonnis, en heeft een bewindvoerder benoemd om de verplichtingen van de heer [verzoeker] te controleren. De beslissing is openbaar uitgesproken en er is een mogelijkheid tot hoger beroep binnen acht dagen na de uitspraak.