Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.De procedure
- de dagvaarding van 13 oktober 2025, met 5 producties;
- de mondelinge behandeling op 21 oktober 2025.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde op 28 oktober 2025 een kort geding over het gebruiksrecht van een huurwoning na het beëindigen van de relatie tussen partijen die samen met vier minderjarige kinderen in de woning verbleven.
De vrouw vorderde dat het gebruiksrecht van de woning aan haar toekomt en dat de man de woning binnen 48 uur zou verlaten, met een dwangsom en een betredingsverbod. De man verscheen niet, waarna verstek werd verleend.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het declaratoir gebruiksrecht alleen in een bodemprocedure kan worden vastgesteld, maar dat het spoedeisend belang bij het verzoek tot ontruiming voldoende was. Daarom werd de man veroordeeld om binnen zeven dagen de woning te verlaten en werd hem verboden de woning te betreden totdat in een bodemprocedure is beslist over de huurovereenkomst.
Een dwangsom van €100 per dag, gemaximeerd op €2.500, werd opgelegd. De vrouw kreeg tevens machtiging om het betredingsverbod met politiehulp af te dwingen. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De man is veroordeeld om binnen zeven dagen de huurwoning te verlaten en het betreden van de woning is hem verboden, met machtiging voor de vrouw om dit met politiehulp af te dwingen.