Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2025:10939

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
29 augustus 2025
Publicatiedatum
15 september 2025
Zaaknummer
11634846 CV EXPL 25-8894
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:83 BWArt. 6:96 BWArt. 6:119 BWArt. 237 RvArt. 233 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling tandartsfactuur en bijkomende kosten door gedaagde

Infomedics vordert betaling van een openstaande factuur van €18,12 voor een tandartsconsult inclusief röntgenfoto op 29 oktober 2024. De zorgverzekeraar betaalde een deel, maar het restant is onbetaald gebleven. Gedaagde heeft dit niet betwist, noch ontkend dat de behandeling heeft plaatsgevonden.

Gedaagde stelde tijdens de mondelinge reactie dat er fouten zijn gemaakt door de zorgverlener, maar dit betreft niet het gevorderde bedrag. Ook een vermeende betaling van €40,- aan de balie is niet onderbouwd met bewijs. De rechtbank gaat daarom uit van het openstaande bedrag.

Omdat betaling uitbleef, is wettelijke rente verschuldigd vanaf 4 december 2024. Daarnaast is een incassokostenvergoeding van €40,- toegewezen, gebaseerd op de aanmaning die gedaagde geacht wordt te hebben ontvangen. De proceskosten van €355,78 komen eveneens voor rekening van gedaagde.

Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat Infomedics direct kan incasseren, ook als hoger beroep wordt ingesteld.

Uitkomst: Gedaagde moet €58,44 betalen aan Infomedics plus €355,78 proceskosten met rente.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11634846 CV EXPL 25-8894
datum uitspraak: 29 augustus 2025
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Infomedics B.V.,
vestigingsplaats: Almere,
eiseres,
gemachtigde: YARDS Deurwaardersdiensten bv,
tegen
[gedaagde],
woonplaats: [plaats] ,
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘Infomedics’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van Infomedics, met bijlagen;
  • de aantekeningen van de griffier van de mondelinge reactie van [gedaagde] ;
  • de repliek, met bijlagen.
1.2.
De repliek is door de rechtbank via de post naar [gedaagde] gestuurd. Zij heeft de kans gekregen om daarop te reageren. Dat heeft zij niet gedaan.

2.De beoordeling

[gedaagde] moet de factuur van € 18,12 betalen
2.1.
Volgens Infomedics heeft [gedaagde] op 29 oktober 2024 een consult gehad bij [zorgverlener] en is er daarbij een röntgenfoto gemaakt. De röntgenfoto zit ook bij de repliek. [gedaagde] heeft niet gezegd dat dit niet klopt. De kantonrechter gaat er daarom ook vanuit dat dit zo is.
2.2.
Infomedics stelt dat deze behandeling € 46,46 kostte en dat de zorgverzekeraar van [gedaagde] € 28,34 heeft betaald. Er staat dus volgens haar nog € 18,12 open. Infomedics eist dat [gedaagde] dit openstaande bedrag aan haar betaald, omdat zij dit met [zorgverlener] heeft afgesproken. [gedaagde] heeft dit allemaal niet ontkend. Daarom staat dit vast. [gedaagde] moet daarom in principe € 18,12 aan Infomedics betalen.
2.3.
[gedaagde] heeft bij haar mondelinge reactie nog wel aangegeven dat [zorgverlener] fouten heeft gemaakt, waardoor zij twee keer een kaakchirurgoperatie moest ondergaan. Dit maakt de uitkomst niet anders. [gedaagde] heeft namelijk niet gezegd dat het bedrag dat Infomedics nu eist daarmee te maken heeft.
2.4.
[gedaagde] heeft ook nog gezegd dat zij een keer € 40,- aan de balie heeft betaald. Ze heeft alleen niet gezegd dat dit voor deze factuur was en ze heeft ook geen betalingsbewijs laten zien. Hiermee houdt de rechter dus ook geen rekening.
2.5.
[gedaagde] moet dus nog € 18,12 aan Infomedics betalen. Omdat zij dat tot nu toe niet heeft gedaan komen er veel extra kosten bij.
[gedaagde] moet rente betalen
2.6.
Infomedics heeft in de dagvaarding geschreven dat de factuur binnen 30 dagen na de factuurdatum betaald moest worden. [gedaagde] heeft niet gezegd dat dit onjuist is. Ze had dus uiterlijk op 4 december 2024 moeten betalen. Omdat ze dat niet heeft gedaan moet zij rente betalen (artikel 6:83 onder Pro a BW en 6:119 BW).
2.7.
Volgens Infomedics is de rente tot 18 maart 2025 € 0,32. Dat bedrag zit in het bedrag dat wordt toegewezen.
[gedaagde] moet incassokosten van € 40,- betalen
2.8.
Infomedics heeft in de dagvaarding geschreven dat zij op 6 december 2024 een aanmaning heeft gemaild naar [gedaagde] , op het adres [email] . [gedaagde] heeft aangegeven dat zij die mail niet heeft gehad. Vervolgens heeft Infomedics in de repliek geschreven dat [gedaagde] de mail wel heeft gehad, omdat Infomedics dezelfde dag nog een leesbevestiging heeft gekregen. [gedaagde] heeft daar niet meer op gereageerd. De rechter gaat er daarom vanuit dat [gedaagde] de aanmaning wel heeft gehad.
2.9.
[gedaagde] heeft daarom recht op een vergoeding voor incassowerkzaamheden (artikel 6:96 BW Pro). Het bedrag dat zij eist is berekend volgens de wet en wordt daarom toegewezen (Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke kosten).
[gedaagde] moet totaal dus € 58,44 betalen
2.10.
[gedaagde] moet totaal dus € 58,44 betalen aan Infomedics. Dat is € 18,12 voor de factuur, € 0,32 aan rente (tot 18 maart 2025) en € 40,- voor de incassokosten.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen
2.11.
De kosten van deze rechtszaak komen ook voor rekening van [gedaagde] , omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan Infomedics moet betalen op € 120,78 aan dagvaardingskosten, € 135,- aan griffierecht,
€ 80,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 40,-) en € 20,- aan nakosten. Dat is in totaal € 355,78. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend. De wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
2.12.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Infomedics dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv Pro). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen € 58,44 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over € 18,12 vanaf 18 maart 2025 tot de dag dat volledig is betaald;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van Infomedics worden begroot op € 355,78 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf de vijftiende dag na de datum van dit vonnis tot de dag dat volledig is betaald;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. van der Kolk en in het openbaar uitgesproken.
33394