Partijen, voormalig samenwonend en ouders van een minderjarige geboren in 2024, zijn in geschil over de omgangsregeling. De man vordert uitbreiding van de omgangsregeling met zijn kind naast de reeds bestaande vrijdagregeling.
Tijdens de mondelinge behandeling op 21 augustus 2025 bereiken partijen overeenstemming over een uitgebreide voorlopige omgangsregeling. Deze omvat omgang op vrijdag, woensdag en zondag tot maandagochtend, met specifieke ophaal- en brengafspraken en verblijf bij oma aan vaderszijde.
Daarnaast komen partijen overeen een mediationtraject te starten om tot definitieve afspraken over omgang en gezag te komen, met het doel toekomstige procedures te voorkomen. De voorzieningenrechter verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad en compenseert de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.