Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 primair, 2 primair en 3 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden, met aftrek van voorarrest, waarvan het overgebleven deel voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaar en als bijzondere voorwaarde een meldplicht en verplichte behandeling, alsmede dadelijke uitvoerbaarheid van deze voorwaarden;
- oplegging van een maatregel ex artikel 38v van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv), inhoudende een contact- en locatieverbod voor de duur van drie jaar waarbij voor elke overtreding een vervangende hechtenis van twee weken staat met een maximum van zes maanden, alsmede dadelijke uitvoerbaarheid van deze maatregel.
4.Waardering van het bewijs
persoonlijkelevenssfeer nu het gaat om ‘medewerkers van het [naam school] ’. Gelet op de beperkte intensiteit, duur en invloed op de persoonlijke levenssfeer, kan niet worden gesproken van een stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer. De verdachte dient te worden vrijgesproken van de laste gelegde belaging.
eenbriefje te sturen aan die [aangeefster] en- (veelvuldig) berichten en vriendschapsverzoeken via social media aan die [aangeefster] te sturen en
eene-mail aan die [aangeefster] te versturen en
isontvangen) dreigend de woorden toe te voegen "Als [naam 1] nog steeds niks wilt gaan doen. Dan zal hij in een onbepaalde tijd het leven uit stappen", g.
5.Strafbaarheid feiten
1.Belaging;
2.Belaging;
3.Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf en maatregel
5 augustus 2024, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor strafbare feiten.
De psychiater adviseert klinische behandeling als onderdeel van bijzondere voorwaarden bij een voorwaardelijk strafdeel.
8.Vordering benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) dagen;
maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor de
€ 1.094,12 (zegge: duizendvierennegentig euro en twaalf eurocent), bestaande uit € 94,12 materiële schade en € 1.000,= immateriële schade. De materiële schade vermeerderd met de wettelijke rent hierover vanaf 9 januari 2024, tot aan de dag der algehele voldoening. De immateriële schade vermeerderd met de wettelijke rente hierover vanaf 26 juni 2023, tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van [benadeelde partij] te betalen
€ 1.094,12 (zegge: duizendvierennegentig euro en twaalf eurocent). De materiële schade van € 94,12 vermeerderd met de wettelijke rent hierover vanaf 9 januari 2024, tot aan de dag der algehele voldoening. De immateriële schade van € 1.000,= vermeerderd met de wettelijke rente hierover vanaf 26 juni 2023, tot aan de dag der algehele voldoening;
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
20 (twintig) dagen;