Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2024:922

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
1 februari 2024
Publicatiedatum
13 februari 2024
Zaaknummer
10725645 CV EXPL 23-3728
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:447 BWArt. 237 RvArt. 233 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering betaling tandartsbehandeling minderjarige patiënt

Eiseres, een factoringbedrijf dat vorderingen van mondzorgverleners incasseert, vordert betaling van een openstaande factuur van €281,72 plus rente en incassokosten van gedaagde. De factuur betreft een röntgengebitsonderzoek en gebitsverwijdering uitgevoerd in maart 2018 toen gedaagde 13 jaar oud was.

Gedaagde betwist de behandeling en stelt dat hij destijds minderjarig was en nooit over de rekening is geïnformeerd. Eiseres heeft deze stellingen niet weersproken. De rechtbank oordeelt dat artikel 7:447 BW Pro van toepassing is, omdat gedaagde jonger dan 16 jaar was en daardoor niet bekwaam was tot het aangaan van de behandelingsovereenkomst.

Hierdoor is gedaagde niet aansprakelijk voor betaling van de factuur en de bijkomende kosten. De vorderingen worden afgewezen. Eiseres wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €50 ten gunste van gedaagde. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: De vordering tot betaling van de tandartsrekening wordt afgewezen omdat de patiënt minderjarig was en niet bekwaam tot het aangaan van de overeenkomst.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Locatie Dordrecht
zaaknummer: 10725645 CV EXPL 23-3728
datum uitspraak: 1 februari 2024
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
CE Credit Management Invest Fund 1 B.V.,
vestigingsplaats: Rotterdam,
eiseres,
gemachtigde: Legalsteps B.V.,
tegen
[gedaagde01],
woonplaats: [woonplaats01] ,
gedaagde,
die zelf procedeert.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 28 september 2023, met bijlagen;
  • het antwoord.
1.2.
Eiseres is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen op de rolzitting van
30 november 2023.

2.De beoordeling

Wat is de kern?
2.1.
Eiseres is een factoringbedrijf voor mondzorgverleners die hun vorderingen op patiënten aan haar cederen. Zo ook de stichting Kliniek Naaldwijk (hierna: de kliniek) die haar openstaande factuur op gedaagde ad € 281,72 heeft gecedeerd aan eiseres. Eiseres vordert betaling van dit bedrag aan hoofdsom, vermeerderd met rente, en € 42,26 aan buitengerechtelijke incassokosten.
Wat is er gebeurd?
2.2.
De kliniek stelt dat zij op 7 maart 2018 een röntgengebitsonderzoek heeft uitgevoerd bij gedaagde waarbij een of meer gebitselementen zijn verwijderd. Gedaagde weet niet meer of deze behandeling is uitgevoerd. Hij was toen 13 jaar en heeft tot augustus 2023 nooit iets gehoord over deze rekening.
2.3.
Eiseres heeft nagelaten dit verder te weerspreken zodat uitgegaan wordt van de juistheid van de stellingen van gedaagde. Daarnaast geldt, anders dan eiseres aanvoert, dat gedaagde, geboren op [geboortedatum01], ten tijde van de vermeende behandeling de leeftijd van 16 jaar nog niet had bereikt zodat artikel 7:447 BW Pro niet van toepassing is. Nu de gedaagde ten tijde van de behandeling nog niet de leeftijd van 16 jaar had bereikt, was hij niet bekwaam tot het aangaan van de behandelingsovereenkomst. Daardoor is hij niet aansprakelijk voor de daaruit voortvloeiende betalingsverbintenis. Gedaagde hoeft de factuur dus niet te betalen. De gevorderde hoofdsom zal worden afgewezen. De gevorderde rente en buitengerechtelijke incassokosten delen het lot van de hoofdvordering.
2.4.
Eiseres moet de proceskosten betalen omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van gedaagde tot vandaag vast op € 50,- aan onkosten.
2.5.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv Pro).

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
wijst af de vorderingen van eiseres;
3.2.
veroordeelt eiseres in de proceskosten, die aan de kant van gedaagde worden begroot op € 50,-;
3.3.
verklaart dit vonnis t.a.v. de veroordeling onder 3.2. uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. D. van Dooren en in het openbaar uitgesproken.
745