Werknemer was sinds 5 februari 2018 in dienst bij Coolblue als logistiek medewerker en werkte acht uur per week. Na een auto-ongeluk op 8 november 2022 meldde hij zich ziek per 13 november 2022. Vanaf het begin verliep het re-integratietraject stroef, waarbij werknemer vaak niet bereikbaar was en opdrachten in het tweede spoor niet uitvoerde.
Coolblue startte een tweede spoortraject op 14 december 2023, maar werknemer weigerde contact en het uitvoeren van opdrachten zoals het opstellen van een cv en netwerkgesprekken. Coolblue legde loonopschorting en loonstop op en gaf meerdere officiële waarschuwingen. Werknemer verscheen niet bij de bedrijfsarts en niet op een gesprek op 11 april 2024, waarna hij op diezelfde dag op staande voet werd ontslagen.
De kantonrechter oordeelt dat het ontslag terecht is gegeven omdat werknemer zijn re-integratieverplichtingen niet nakwam en zich onbereikbaar hield, waardoor voortzetting van het dienstverband onmogelijk werd. De opzegging is onverwijld gegeven en de reden is onverwijld meegedeeld. Het opzegverbod tijdens ziekte geldt niet bij ontslag op staande voet.
Alle primaire verzoeken van werknemer tot vernietiging van het ontslag en loonbetaling worden afgewezen. Ook subsidiaire verzoeken om billijke vergoeding, transitievergoeding en schadevergoeding worden afgewezen wegens ernstig verwijtbaar handelen van werknemer. De proceskosten worden aan werknemer opgelegd en de beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.