Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Mitrex B.V.,
1.[gedaagde 1] ,
1.De procedure
- de dagvaardingen van 3 en 4 april 2024, met bijlagen;
- de akte wijziging gronden, aanvulling eis van 25 april 2024 van eiseressen;
- de incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid en verwijzing, tevens conclusie van antwoord in het incident ex artikel 843a Rv van [gedaagde 1] ;
- de rolbeslissing van 30 mei 2024;
- het incidenteel antwoord inzake onbevoegdheid tevens houdende vermeerdering van eis in de hoofdzaak jegens [gedaagde 1] .
2.Het geschil tot nu toe
- een verklaring voor recht dat [gedaagde 1] in strijd heeft gehandeld met het (concurrentie en relatie)beding zoals geformuleerd in de koopovereenkomst van 10 juni 2020;
- [gedaagde 1] te veroordelen tot betaling van een schadevergoeding een en ander nader op te maken bij Staat;
- [gedaagde 1] te veroordelen in de proceskosten;
- het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
- een verklaring voor recht dat [gedaagde 2] in strijd heeft gehandeld met het concurrentie en relatiebeding zoals geformuleerd in de arbeidsovereenkomst getekend op 12 augustus 2008;
- [gedaagde 2] te veroordelen tot betaling van een boete ter hoogte van € 100.000,- wegens schending van het non-concurrentie- en relatiebeding;
- [gedaagde 2] te veroordelen tot betaling van een schadevergoeding een en ander nader op te maken bij Staat;
- [gedaagde 1] te veroordelen in de proceskosten;
- het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.