Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[gedaagde 1] ,
1.De procedure
- de dagvaarding van 27 december 2023, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlagen;
- de akte van [eiseres] ;
- het proces-verbaal van de zitting van 1 juli 2024.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde een zaak waarin eiseres vorderde dat gedaagde huurders de huurachterstand, vermeende incassokosten en kosten voor diverse werkzaamheden aan de woning zouden betalen. De huurovereenkomst was beëindigd en de huurders hadden de woning verlaten, maar er resteerde een betalingsachterstand.
De rechtbank stelde vast dat de huurders hoofdelijk aansprakelijk zijn voor een bedrag van € 6.485,37, bestaande uit de huurachterstand en kosten voor werkzaamheden, verminderd met de betaalde waarborgsom. Deze vordering werd toegewezen omdat de huurders het bedrag niet hadden betwist en persoonlijke omstandigheden hen niet ontslaan van hun betalingsverplichting.
De gevorderde incassokosten werden afgewezen omdat de vereiste veertiendagenbrief, die de huurders de kans geeft om zonder extra kosten te betalen, niet aan de wettelijke eisen voldeed. De wettelijke rente werd toegewezen omdat deze voldoende was onderbouwd en niet betwist.
Daarnaast werden de huurders hoofdelijk veroordeeld in de proceskosten, begroot op € 1.191,57. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat het direct kan worden uitgevoerd ondanks eventuele hoger beroep procedures.
Uitkomst: Huurders worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, kosten werkzaamheden en proceskosten, incassokosten worden afgewezen.