Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- het verzoekschrift met bijlagen van de vrouw, ingekomen op 21 februari 2024;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoekschrift, met bijlagen, ingekomen op 29 februari 2024;
- het bericht van de vrouw, ingekomen op 29 februari 2024 inhoudende de akte wijziging c.q. aanvulling verzoek;
- het bericht met bijlagen van de vrouw van 5 april 2024;
- het bericht met bijlagen van de man van 8 april 2024.
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de raad voor de kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht (hierna: de raad), vertegenwoordigd door [naam 3] .
2.De vaststaande feiten
3.De beoordeling
- de minderjarige aan haar toe te vertrouwen;
- te bepalen dat zij met uitsluiting van de man gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning, met de daarin bevindende inboedel, en de man te bevelen die woning te verlaten en hem te verbieden die woning verder te betreden;
- een regeling over de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken (hierna: zorgregeling) vast te stellen;
- te bepalen dat de man moet bijdragen in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige met een bedrag van € 250,- per maand;
- de minderjarige aan hem wordt toevertrouwd;
- hij met uitsluiting van de vrouw gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning, met de daarin bevindende inboedel, en de vrouw te bevelen die woning te verlaten en haar te verbieden die woning verder te betreden, behoudens voorafgaande instemming van de man, zo nodig te effectueren met de sterke arm;
- een zorgregeling vast te stellen.