De zaak betreft een geschil tussen [persoon A] en MKR Gevelelementen B.V. over de uitvoering van een aannemingsovereenkomst voor een dakopbouw op de woning van [persoon A]. [persoon A] vordert vervangende schadevergoeding wegens gebrekkige en niet-tijdige oplevering, terwijl MKR betaling van de eindnota en meerwerk eist.
De rechtbank oordeelt dat MKR in verzuim is geraakt door niet tijdig en deugdelijk op te leveren en dat [persoon A] recht heeft op vervangende schadevergoeding. Diverse posten aan niet-uitgevoerd werk en herstelwerkzaamheden worden toegewezen, terwijl sommige vorderingen worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing of omdat het meerwerk betreft.
De rechtbank wijst een bedrag van € 9.191,32 toe aan [persoon A] voor vervangende schadevergoeding, met verwijzing naar schadestaatprocedure voor aanvullende herstelkosten. MKR wordt veroordeeld tot betaling van € 6.973,96 voor eindnota en meerwerk. Beide veroordelingen worden uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Proceskosten worden grotendeels toegewezen aan MKR in conventie, en partijen dragen in reconventie elk hun eigen kosten.