Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 primair en het onder 2 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 7 maanden, met aftrek van voorarrest, waarvan 2 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar met daarbij de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering in het over de verdachte opgestelde reclasseringsrapport van 22 februari 2024, met uitzondering van het contactverbod, en een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 9 maanden.
4.Waardering van het bewijs
modus operandivan het gebruik van cobra’s in combinatie met tape – om de cobra’s aan elkaar dan wel aan panden te bevestigen – komt daarbij geregeld voor. De verdachte heeft op zitting verklaard dat hij met de medeverdachte had afgesproken om een cobra te gaan zetten. De verdachte en de medeverdachte zijn samen in een auto aangetroffen, waarin twee van de drie cobra’s – die zij eerder hadden opgehaald – en de rol tape werden aangetroffen onder/achter de bijrijdersstoel. De rechtbank concludeert uit de aanwezigheid van de verdachte in de auto en hetgeen hij heeft verklaard over zijn rol bij en wetenschap van de voorbereiding van de explosie – in samenhang met het voorgaande – dat de verdachte de wetenschap had dat de rol tape zou gaan worden gebruikt bij de explosie. De verklaring van de verdachte dat de tape al in de auto lag en het standpunt van de verdediging dat de verdachte niets van de tape af wist, acht de rechtbank gelet op het voorgaande niet aannemelijk. Dat er geen DNA-onderzoek aan de tape heeft plaatsgevonden, maakt dat ook niet anders. De rechtbank is dan ook – anders dan de verdediging – van oordeel dat de verdachte wetenschap heeft gehad dat de rol tape zou gaan worden gebruikt bij de voorgenomen explosie en dat hij daarover dus ook beschikkingsmacht had. Ook dit verweer wordt verworpen.
5.Strafbaarheid feiten
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straffen
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Bijlagen
10.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 10 (tien) maanden;
5 (vijf) maandenniet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
de bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de tijd van
9 (negen) maanden;