Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- de vader;
- een vertegenwoordiger van de GI, [naam 3].
Rechtbank Rotterdam
De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond verzocht om gedeeltelijke gezagsbelasting over het kind, specifiek voor de aanmelding bij een onderwijsinstelling, omdat het kind momenteel niet naar school gaat. Dit belemmert zijn ontwikkeling en is in strijd met zijn recht op onderwijs.
De moeder verzet zich tegen het verzoek omdat zij wil dat het kind naar een Christelijke school gaat, terwijl de vader en de GI instemmen met het verzoek. De moeder weigert haar toestemming te geven voor inschrijving op een andere school, waardoor het kind niet staat ingeschreven en geen onderwijs volgt.
De kinderrechter oordeelt dat het noodzakelijk is dat de GI gedeeltelijk gezag krijgt over de aanmelding bij een school om de uitvoering van de ondertoezichtstelling te waarborgen en verdere stagnatie in de ontwikkeling van het kind te voorkomen. Het verzoek tot gedeeltelijke gezagsbelasting wordt daarom toegewezen voor het onderdeel aanmelding bij een onderwijsinstelling, met ingang van 20 februari 2024 tot het einde van de machtiging tot uithuisplaatsing. Het overige verzoek wordt afgewezen.
Uitkomst: De gecertificeerde instelling wordt gedeeltelijk belast met het gezag over het kind voor de aanmelding bij een onderwijsinstelling gedurende de machtiging tot uithuisplaatsing.