ECLI:NL:RBROT:2024:13798
Rechtbank Rotterdam
- Verschoning
- M. Fiege
- J. van den Bos
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens mogelijke partijdigheid
In een kortgedingprocedure tussen eisers en gedaagde werd rechter P. de Bruin belast met de behandeling van de zaak. Op 17 mei 2024 diende de rechter een schriftelijk verzoek tot verschoning in, omdat een familielid van haar werkzaam is op het kantoor van de advocaat van gedaagde.
De rechtbank beoordeelde het verzoek en stelde vast dat hoewel er geen aanwijzingen zijn dat de rechter subjectief niet onpartijdig is, de situatie objectief een zwaarwegende aanwijzing vormt voor een vrees voor schending van onpartijdigheid.
Daarom werd het verzoek tot verschoning toegewezen om de onpartijdigheid van de rechterlijke macht te waarborgen. De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer en ondertekend op 21 mei 2024.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van rechter P. de Bruin wordt toegewezen vanwege een objectief gerechtvaardigde vrees voor schending van onpartijdigheid.