ECLI:NL:RBROT:2024:13569
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in civiele hoofdzaak wegens gebrek aan grond
Op 23 augustus 2024 heeft de wrakingskamer van de Rechtbank Rotterdam een verzoek tot wraking van de voorzieningenrechter in een civiele hoofdzaak behandeld. Verzoeker stelde dat er geen spoedeisend belang was en dat hij vanwege medische klachten niet aanwezig kon zijn, waardoor de voorzieningenrechter zijn aanhoudingsverzoek afwees en daardoor mogelijk vooringenomen zou zijn.
De wrakingskamer oordeelde dat wraking slechts kan worden toegewezen bij zwaarwegende aanwijzingen van vooringenomenheid, wat hier niet het geval was. Het gesloten stelsel van rechtsmiddelen verhindert dat een rechterlijke tussenbeslissing als grond voor wraking kan dienen, omdat wraking geen verkapt rechtsmiddel is.
De voorzieningenrechter had een belangenafweging gemaakt waarbij het spoedeisende karakter van de vorderingen zwaarder woog dan het aanhoudingsverzoek. Ook was geprobeerd om verzoeker digitaal te laten deelnemen. De wrakingskamer concludeerde dat de motivering van de beslissing niet anders kan worden uitgelegd dan als onpartijdig.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en de voorzieningenrechter mocht de hoofdzaak verder behandelen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de voorzieningenrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan grond voor partijdigheid.