De moeder verzocht de schriftelijke aanwijzing van de gecertificeerde instelling (GI) van 14 november 2024 vervallen te verklaren. Deze aanwijzing betrof onder meer de inschrijving van de minderjarige op een middelbare school en medewerking aan gesprekken met de jeugdbescherming.
De kinderrechter overwoog dat de GI meerdere pogingen heeft gedaan om contact te leggen met de moeder en de minderjarige, maar dat dit niet is gelukt vanwege de houding van de moeder. De aanwijzing is bedoeld om de noodzakelijke ondersteuning en hulpverlening te realiseren, waarbij de inschrijving op een school als doel heeft om de minderjarige weer aan onderwijs te laten deelnemen.
De moeder stelde bezwaren tegen de wijze van contactlegging en de inhoud van de aanwijzing, maar de rechter vond dat de aanwijzing zorgvuldig tot stand is gekomen en passend is. De moeder moet meewerken aan gesprekken en het opstellen van een plan van aanpak.
Daarnaast benoemde de rechter een bijzondere curator voor de minderjarige, omdat de belangen van de moeder mogelijk conflicteren met die van de minderjarige en de minderjarige recht heeft op een eigen vertegenwoordiger. De bijzondere curator zal de minderjarige in en buiten rechte vertegenwoordigen gedurende de ondertoezichtstelling.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de moeder werd opgeroepen voor een gesprek met de GI op 20 december 2024.