Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De zaak in het kort
invaren). In een brief van 28 november 2024 heeft zij [eiser] laten weten wat zijn pensioen na 1 januari 2025 naar verwachting zal worden. [eiser] vindt dat dit te laat was. Hij vraagt daarom in dit kort geding dat het invaren voor hem wordt uitgesteld. BPL verzet zich daartegen.
2.De procedure
- de dagvaarding van 11 december 2024, met producties,
- de akte van BPL, met producties,
- de spreekaantekeningen van de advocaten van partijen.
3.De feiten
4.Het geschil
5.De beoordeling
Uitgangspunten voor een kort geding
Moet het uitvaren worden uitgesteld?
Klokkenluidersregeling: heeft [eiser] recht op een voorschot?
Slot