Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2024:11220

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
23 oktober 2024
Publicatiedatum
12 november 2024
Zaaknummer
FT RK 24-976
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 lid 1 Verordening (EU) 2015/848Faillissementswet art. 284Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering art. 2
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toelating tot wettelijke schuldsaneringsregeling met vervroegde ingangsdatum

Mevrouw verzoekster bevindt zich in een problematische schuldensituatie en heeft een verzoek ingediend tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). De rechtbank Rotterdam beoordeelt het verzoek en stelt vast dat zij voldoet aan de voorwaarden, waaronder te goeder trouw zijn en het voldoen aan de verplichtingen van de WSNP.

De rechtbank benoemt een bewindvoerder en een rechter-commissaris die toezicht houden op het traject. De WSNP duurt in principe 18 maanden, maar verzoekster vraagt om een eerdere ingangsdatum, negen maanden voor het vonnis. De rechtbank onderzoekt of vanaf die datum aan de afdracht- en inspanningsverplichtingen is voldaan.

Uit de beoordeling blijkt dat ondanks beslaglegging door een schuldeiser, verzoekster maandelijks afdroeg en spaarde, en dat zij vanwege structurele functionele beperkingen niet fulltime kan werken maar wel aan inspanningsverplichtingen voldoet. Daarom wordt de eerdere ingangsdatum toegewezen.

De rechtbank stelt de ingangsdatum vast op 23 januari 2024 en de einddatum op 23 juli 2025, benoemt de rechter-commissaris en draagt de bewindvoerder op de post te beheren. Tevens mag de bewindvoerder een voorschot op vergoeding nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering.

Uitkomst: Verzoek tot toelating WSNP en vervroegde ingangsdatum negen maanden voor vonnisdatum toegewezen.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie
insolventienummer: [nummer]
vonnis van:
23 oktober 2024
op het verzoek van:
[verzoekster],
wonende te [adres] ,
[postcode] [woonplaats] .
Waar deze zaak over gaat
Mevrouw [verzoekster] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor haar schulden te komen heeft mevrouw [verzoekster] een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Dit verzoek wordt toegewezen. Daarnaast verzoekt mevrouw [verzoekster] om de ingangsdatum van de WSNP vast te stellen op 23 januari 2024. Dit verzoek wordt toegewezen. De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist.

1.De procedure

1.1.
Mevrouw [verzoekster] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de WSNP.
1.2.
Het verzoek is behandeld op de zitting van 16 oktober 2024. Op de zitting zijn verschenen:
- mevrouw [verzoekster] ,
- de heer [persoon A] , partner van mevrouw [verzoekster] ;
- mevrouw [persoon B] , schuldhulpverlener van de gemeente Goeree-Overflakkee.

2.De beoordeling van het verzoek

De toelating

2.1.
Mevrouw [verzoekster] kan worden toegelaten tot de WSNP als zij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en zij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat mevrouw [verzoekster] aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen.
2.2.
Mevrouw [verzoekster] voldoet aan alle eisen en wordt toegelaten tot de WSNP.
2.3.
De verplichtingen waaraan mevrouw [verzoekster] tijdens de WSNP moet voldoen zijn: de informatieverplichting, de inspanningsverplichting, de verplichting geen nieuwe schulden te laten ontstaan, de verplichting om schuldeisers niet te benadelen en de afdrachtverplichting. Er wordt een bewindvoerder benoemd. Deze bewindvoerder controleert of de verplichtingen worden nagekomen. Er wordt ook een rechter-commissaris benoemd. De taak van de rechter-commissaris is om toezicht te houden op de bewindvoerder.
2.4.
Als mevrouw [verzoekster] zich tijdens het WSNP-traject houdt aan alle verplichtingen die de WSNP met zich brengt, eindigt het traject met de zogenoemde “schone lei”. Dit betekent dat schuldeisers hun vorderingen ten aanzien waarvan de WSNP werkt niet meer op mevrouw [verzoekster] kunnen verhalen.
2.5.
De eerste 13 maanden van het traject geldt een postblokkade. Dat betekent dat in die periode alle post naar de bewindvoerder gaat. De bewindvoerder stuurt de post na controle door aan mevrouw [verzoekster] . Als de schuldsaneringsregeling eerder eindigt, stopt ook de postblokkade.
2.6.
De rechtbank is, gelet op het bepaalde in artikel 3 lid 1 Verordening Pro (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, bevoegd deze insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen nu het centrum van voornaamste belangen van mevrouw [verzoekster] in Nederland ligt.
De ingangsdatum
2.7.
Het WSNP-traject duurt in principe 18 maanden. De Faillissementswet bepaalt dat de termijn van de WSNP ingaat op de dag van dit vonnis.
2.8.
Mevrouw [verzoekster] verzoekt de looptijd van de WSNP te verkorten met negen maanden. Dit wordt gezien als een verzoek om de ingangsdatum te bepalen op 23 januari 2024. Dat is dus negen maanden voorafgaand aan de datum van dit vonnis.
2.9.
Het verzoek om een eerdere ingangsdatum te bepalen wordt toegewezen als vanaf die eerdere datum de WSNP-verplichtingen (zie hiervoor onder 2.3.) zijn nagekomen. Een van die WSNP-verplichtingen is de afdrachtplicht, die onder meer inhoudt dat maandelijks het verschil tussen de netto inkomsten van een schuldenaar en het vrij te laten bedrag (hierna: vtlb) aan de boedel moet worden betaald. Het vtlb wordt berekend met de vtlb-calculator die via het internet beschikbaar is. Om voor een eerdere ingangsdatum in aanmerking te komen, moet dus aansluitend maandelijks sprake zijn van aflossingen die tenminste gelijk zijn aan het genoemde verschil tussen de netto inkomsten en het vtlb. Daarnaast moet er bij arbeidsgeschiktheid fulltime gewerkt worden of moet er aantoonbaar worden gesolliciteerd naar een fulltime baan.
2.10.
De rechtbank stelt vast dat gedurende drie maanden tijdens het voorafgaande schuldhulpverleningstraject door een schuldeiser beslag is gelegd op een deel van de inkomsten van mevrouw [verzoekster] . Dit heeft er echter niet aan in de weg gestaan dat daarnaast door mevrouw [verzoekster] in het voorafgaande schuldhulpverleningstraject maandelijks € 46,- is afgedragen en daar boven een bedrag is gespaard van € 1.725,-. Zij heeft daarmee meer afgedragen dan het bedrag dat in de WSNP zou worden gespaard. Daarnaast is in de periode van het schuldhulpverleningstraject ook aan de inspanningsverplichting voldaan. Mevrouw [verzoekster] heeft weliswaar niet fulltime gewerkt, maar uit het ter zitting overgelegde keuringsrapport blijkt dat sprake is van structurele functionele beperkingen van lichamelijk, verstandelijke of psychische aard. Mevrouw [verzoekster] wordt in de huidige urenomvang maximaal belast geacht. Ook zal haar verdiencapaciteit volgens het keuringsrapport, gelet op haar werkervaring en opleidingsniveau, niet toenemen als zij in een andere functie meer uren zou werken.
2.11.
De rechtbank komt dus tot de conclusie dat het verzoek om een eerdere ingangsdatum moet worden toegewezen.

3.De beslissing

De rechtbank:
- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:
[verzoekster],
geboren op [geboortedatum] 1970 te [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] , [postcode] [woonplaats] ;
- benoemt tot rechter-commissaris mr. M.C. Franken
en tot bewindvoerder R. Springer,
gevestigd te Postbus 2888,
2601 CW Delft;
- stelt de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling vast op 23 januari 2024 en de einddatum op 23 juli 2025;
- draagt de bewindvoerder op om de komende negen maanden de post van mevrouw [verzoekster] in te zien;
- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Deze vergoeding is gelijk aan 1/10e deel van de overeenkomstig artikel 2 van Pro dat Besluit te berekenen vergoeding. Dit kan alleen:
- zolang de schuldsaneringsregeling loopt en,
- voor zover de boedel toereikend is.
Dit is de beslissing van mr. M.C Franken, rechter, in samenwerking met mr. T.M.M. de Laat, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 23 oktober 2024.