Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 5 augustus 2024;
- producties 1 tot en met 6.
Rechtbank Rotterdam
In deze kort geding procedure heeft eiser een ontruimingsvordering ingesteld tegen gedaagde, die niet is verschenen en verstek is verleend. De zaak betreft een woning te Capelle aan den IJssel waarvan de huurovereenkomst voor bepaalde tijd is verstreken. Eiser heeft gedaagde tijdig gewezen op het verlopen van de huurovereenkomst.
Op zitting is gebleken dat gedaagde met haar gezin in de woning verblijft, maar ook dat de huur niet wordt betaald en er sprake is van overlast en schade aan de woning, waaronder een lekkage die niet kan worden verholpen doordat eiser de toegang wordt ontzegd. De kantonrechter heeft de belangen van de minderjarige kinderen meegewogen, maar gelet op de omstandigheden acht hij ontruiming gerechtvaardigd.
De ontruimingsvordering wordt toegewezen met een termijn van veertien dagen na het vonnis. De gevorderde dwangsom wordt afgewezen wegens gebrek aan belang, en de vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten wordt eveneens afgewezen omdat deze kosten onder de proceskosten vallen. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €900,97. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen veertien dagen en betaling van proceskosten.