Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[gedaagde 1] ,
1.De procedure
- de dagvaarding van 16 april 2024, met bijlagen;
- het schriftelijk antwoord en mondeling verweer van [gedaagde 1] ;
- de repliek van SFVG
Rechtbank Rotterdam
De Stichting Sint Franciscus Vlietland Groep (SFVG) vordert betaling van een openstaande factuur van €424,23 voor medische behandeling van het minderjarige kind van gedaagde bij SFVG. Gedaagde erkent de onbetaalde zorgkosten, maar stelt dat zijn kind verzekerd zou zijn geweest. De rechtbank oordeelt dat tussen partijen een overeenkomst bestaat voor de behandeling bij SFVG op 23 januari 2024 en dat gedaagde verantwoordelijk is voor betaling omdat het kind niet als verzekerd stond ingeschreven op dat moment.
Gedaagde kan zich tot zijn zorgverzekeraar wenden voor vergoeding, maar dit ontslaat hem niet van de betalingsverplichting aan SFVG. De incassokosten van €76,99 worden toegewezen op grond van artikel 6:96 BW Pro, evenals de wettelijke rente vanaf 16 april 2024. Daarnaast worden de proceskosten van €473,79 aan de zijde van SFVG aan gedaagde opgelegd.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, waardoor SFVG direct betaling kan afdwingen. Gedaagde heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om te reageren op de repliek van SFVG. Hiermee wordt de vordering van SFVG volledig toegewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van onbetaalde zorgkosten, incassokosten, rente en proceskosten aan SFVG.