Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1..De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 t/m 11,
- de brief van 6 maart 2023 waarin een mondelinge behandeling is bepaald,
- de mondelinge behandeling van 21 juni 2023, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,
2..De feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
“zich te onderwerpen aan de bepalingen van het reglement van de geschillencommissie en de uitspraak van de geschillencommissie als bindend te aanvaarden”. Uit de opbouw van het vragenformulier blijkt dat zij daarvoor uitdrukkelijk haar akkoord heeft gegeven.
- [eisende partij] bij het indienen van de klacht op zoek was naar hulp en bijstand en mede door haar medisch/psychische toestand het reglement van de geschillencommissie op dat moment niet volledig had bestudeerd;
- er bij het indienen van de klacht nog een aantal onderzoekingen naar de gevolgen van de behandeling gaande waren waarvan het resultaat bij de behandeling van de klacht nog niet bekend was;
- het schadebedrag in augustus 2020 hoger was dan € 25.000.
- geen mondelinge behandeling te houden,
- haar niet in de gelegenheid te stellen een schriftelijke reactie te geven op het verweer van HWI en stellingen van HWI als waarheid te accepteren.
- het medisch dossier en de operatieverslagen,
- de mededeling op de website en in de offerte van HWI dat bekende Nederlanders door haar zijn behandeld en dat daarbij het toegezegde resultaat is bereikt.
“Nagekomen stukken”heeft overwogen valt er namelijk niet aan te twijfelen dat het om door [eisende partij] (de cliënte) recent voor de zittingsdatum ingediend stukken gaat. Waarom dat toch onduidelijkheid oplevert is niet door [eisende partij] toegelicht.
€ 1.196,00(2,0 punten × factor 1,0 × tarief € 598,00)
5..De beslissing
- verklaart de Macht van de cliënte in alle onderdelen ongegrond;
- wijst af het verzoek tot het bepalen van schadevergoeding.