Uitspraak
,
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde op 6 juni 2023 een zaak betreffende de verlenging van de ondertoezichtstelling van drie minderjarige kinderen en de bekrachtiging van een schriftelijke aanwijzing met betrekking tot de omgangsregeling van één kind met de vader.
De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming West verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling tot 19 maart 2024 en bekrachtiging van een schriftelijke aanwijzing die de moeder verplicht om uitvoering te geven aan een omgangsregeling voor het jongste kind. De moeder voerde geen verweer tegen de verlenging, maar betwistte de bekrachtiging van de schriftelijke aanwijzing vanwege gezondheidsproblemen van het kind.
De bijzondere curator adviseerde een breed psychologisch onderzoek voor de kinderen en benadrukte het belang van communicatie tussen ouders. De kinderrechter concludeerde dat de gronden voor ondertoezichtstelling aanwezig zijn en bekrachtigde de schriftelijke aanwijzing met aanpassingen, onder meer over omgangsduur en overleg bij ziekte.
De ondertoezichtstelling werd verlengd tot 19 maart 2024, de bijzondere curator herbenoemd voor de duur daarvan, en de schriftelijke aanwijzing bekrachtigd en uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van drie minderjarige kinderen wordt verlengd tot 19 maart 2024 en de schriftelijke aanwijzing met betrekking tot de omgangsregeling wordt bekrachtigd.