Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- het verzoekschrift van Gemeente Rotterdam, met producties 1 t/m 17;
- de brief van Gemeente Rotterdam van 8 november 2022, waarin zij mededeelt dat partijen mondelinge overeenstemming hebben bereikt en zij verzoekt de zaak aan te houden in afwachting van het opstellen van een vaststellingsovereenkomst;
- de e-mail van Gemeente Rotterdam van 29 december 2022, met bijlagen;
- de brief van Gemeente Rotterdam van 6 januari 2023, waarin zij verzoekt alsnog een nieuwe datum voor een mondelinge behandeling te bepalen;
- de e-mail van mr. A. Rhijnsburger van 18 januari 2023;
- de oproepingsexploten van 9 februari 2023 en 7 maart 2023;
- het verweerschrift van [verweerder01] .
2..De feiten
3..Het verzoek van Gemeente Rotterdam en de grondslag daarvan
- de arbeidsovereenkomst met [verweerder01] te ontbinden tegen de kortst mogelijke termijn;
- te bepalen dat [verweerder01] geen recht heeft op een transitievergoeding;
- te bepalen dat, indien de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden op grond van artikel 7:669 lid 3 sub i BW Pro, [verweerder01] geen vergoeding van ten hoogste de helft van de transitievergoeding, zoals bedoeld in artikel 7:671b lid 8 BW, toekomt;
- de eventuele tegenvorderingen en/of tegenverzoeken van [verweerder01] af te wijzen;
- te bepalen dat iedere partij de eigen kosten draagt.